Veel

Als er veel is om over te schrijven, waar schrijf je dan over? Waar begin je? Wie van jezelf ga je zijn? Waarom vechten de schreeuwlelijkerds dan in je hoofd om aandacht? (Kies mij, kies mij, kies mij!) En ondertussen weet je ook weer heel zeker dat je eigenlijk met jezelf had afgesproken dat je de was zou doen.
Want de was is één van die schreeuwlelijkerds is, met de nadruk op lelijk. Oh nee. De was is niet lelijk. De was is geproduceerd door mijn liefste kinderen die al zo groot zijn dat ze over niet al te lange tijd zullen uitvliegen. Weg uit dit warme nestje. Ik zie het al voor me: tassen op de achterbank, kastje zús wel mee, kastje zó blijft staan, gauw nog wat extra handdoeken ingepakt. Sluw kindlief afgeraden een wasmachine te kopen onder het mom van ‘veel te duur’. En ondertussen weten dat je je - nog maar zo kort geleden gebaarde - nakomeling op die manier in elk geval nog (hopelijk) elk weekend zult zien. Om de was te doen. Waar je toch steeds zo’n hekel aan had.
Vreemde gedachtekronkels. Gelukkig is het nog niet zover.
Kinderen worden écht snel groot… Ikzelf ook, maar het lijntje van mezelf kind voelen wordt wél steeds dunner. Ik voel hem nog nét, dat lijntje. Dat lijntje dat ervoor zorgt dat ik slootje ga springen (en in het water beland); ga bokje springen (en de hoogte van het paaltje verkeerd inschat); grapjes uithaal met mijn hond en nog zo goed kan invoelen wat mijn drie pubers meemaken. Of met de jongste lach om iets dat verder niemand begrijpt.
Dit gemijmer. Dat deed mijn moeder ook. Als ze erover vertelde, begreep ik het maar nauwelijks. Mijmeren om het mijmeren. Luisteren naar de verhalen in je hoofd. En daar dan over vertellen. Veel hoor…
©AV 17-11-2016