Verlaten

Op een wandelingetje zie ik het liggen: een wit plastic zakje met inhoud. Ik loop voorbij en pak het niet op. Soms loop ik met een grijpertje de buurt op te schonen. Soms gooi ik mijn kont tegen de krib.
Totdat hondlief in het zakje begint te snuffelen. Dat kan maar 1 ding betekenen: er moet eten in zitten. Toch maar weggooien dan. Ik loop terug en pak het op. Nieuwsgierig bekijk ik de inhoud. Vreemd. Een doosje eieren. Een toetje. Een ovenmaaltijd.
Waar was dit voor bedoeld?
Ze ging nog gauw even naar de winkel. Het kon nog net voor sluitingstijd. Het was een lange dag geweest met allemaal vervelende klussen en het koken zou erbij inschieten. Vroeger kookte ze wel ‘in het voren’ en vroor het dan in. Maar tegenwoordig lukt haar dat niet meer. Ze kan soms maar nét bedenken wat ze gaat eten maar vergeet dan naar de winkel te gaan. Teveel aan haar hoofd dat afleiding geeft. Of te moe. Gauw naar de winkel. De boodschappen in de karretjes van anderen verraden gezinnen, kinderen, gezelligheid. Georganiseerde moeders en liefhebbende vaders. Of niet. Het is haar eigen gevoel van eenzaamheid dat dit invult. Wat gaat ze eten? Eieren zijn altijd goed. Een toetje, dat is lang geleden! En verder? Dit is al eten, ze kán al naar de kassa. Dan kan ze snel eten en naar bed. Maar het is geen echte maaltijd. Een echte maaltijd vult toch zeker wel een groot bord. Verwilderd kijkt ze om zich heen, de winkel gaat zo sluiten. Wat is snel klaar en vergt geen  denkwerk om het te bereiden? Denken heeft ze al genoeg gedaan vandaag. Ze grist gauw een ovenmaaltijd uit de koeling en snelt naar de kassa. Het is al hartstikke laat en te laat eten zorgt voor een slapeloze nacht. Ze weet het, het overkomt haar vaker. Dan gauw naar huis. Het is al donker en buiten grijpt de eenzaamheid haar naar de strot. Terwijl ze haar sleutels zoekt, voelt ze iets langs haar been strijken. Een klein poesje. Ze hurkt. Hee poes, ben je ook alleen? Poes biedt aan nog even te blijven en de vrouw knapt ervan op. Wat een schatje. Wat fijn om zo begroet te worden. Dan stapt ze op de fiets. Gauw naar huis, naar bed. Ze is moe.

~~Kerstontbijt op school. Wat geef ik mijn kind mee?
~Lief, ik ga nog gauw even naar de winkel! Ik neem Suus mee in de kinderwagen! Ja, de boodschappen kunnen wel onderin!
~~Mamma heeft een vergadering vanavond, haal jij gauw even wat eten voor jezelf? Oh, en vergeet de eitjes niet voor morgenvroeg!
~Eindelijk weer een avond alleen, wat zal ik eens eten?
~~Bah, wat een gedoe zo’n verhuizing. Frieten ben ik ook zat. Ik haal wel gauw even wat bij de super.


Ik hang het tasje aan de leuning van de brug. Zou het zorgvuldig of haastig uitgezochte eten nog gemist en terug gehaald worden? Ik hoop het. Wie het ook verloor of vergat, het hoort niet alleen op straat te liggen. Dat is zielig.
©AV 28-12-2016